Things We Treasure
Over wat doodgewone dingen voor ons kunnen betekenen.
Ik geloof dat voorwerpen iets onthouden. Niet wat ze zijn, maar wie wij waren toen we ze aanraakten. Een restwarmte, een afdruk, een gevoel dat blijft hangen.
Things We Treasure is een doorlopende fotoserie over dingen die we koesteren en de emotionele waarde die alledaagse voorwerpen kunnen dragen.
Sommige objecten bewaren we omdat ze ons doen denken aan een persoon, een plek, een gebeurtenis of een moment dat we niet willen vergeten. Soms is het object een houvast voor iets dat in het verleden ligt en waar je eigenlijk nog geen afscheid van wilt nemen.
Met fotografie zet ik die herinneringen extra kracht bij. De foto van het voorwerp wordt daarmee een drager van een persoonlijk verhaal dat er mag zijn. En dat is misschien wel de grootste kracht van het medium.
Deelnemers brengen een object mee dat hen dierbaar is. Ik fotografeer het en vraag hen het verhaal erachter te delen.
Heb jij ook een voorwerp dat je dierbaar is en dat je wilt laten fotograferen? Neem contact met me op en vertel me erover.
De foto is door Sterre van Beem gemaakt tijdens het opbouwen van Lens&Canvas 2026.
Zippo van Pieter
In 1996 ging ik, net 18 jaar oud, op mijn eerste uitzending naar het voormalige Joegoslavië. Tijdens die periode probeerde ik contact te krijgen met het thuisfront, maar dat lukte twee weken lang niet.
Uiteindelijk bleek de oorzaak simpel: ik draaide steeds het verkeerde netnummer. In plaats van 071 (Leiden) gebruikte ik 070 (Den Haag).
Dat leverde me de bijnaam “E.T.” op, verwijzend naar de bekende uitspraak uit de film E.T. phone home.
Die bijnaam werd blijvend: ter plekke werd er “E.T.” in mijn Zippo gegraveerd. Deze aansteker heb ik vervolgens mijn hele militaire carrière van veertien jaar bij me gedragen.
Schaar van Tine
Één van de belangrijkste stukken gereedschap voor een kleermaker is de stofschaar. Het is het meest persoonlijke verlengstuk van de handen. Je stofschaar leen je nooit uit.
Ik kreeg deze schaar uit de door Parkinson en ouderdom trillende handen van mijn lieve mentor en collega kleermaker Wim Boot. Niet zomaar een cadeau. Met deze schaar had hij zijn hele leven gewerkt. Het was alsof hij hiermee definitief afscheid nam van het vak en het stokje aan mij, zijn jongere collega doorgaf. Wim leeft al lang niet meer, maar zijn schaar wordt nog steeds door mij gebruikt en is voor mij van bijzondere emotionele waarde.
Gameboy van Lea
Ze speelde urenlang Tetris. Ik zie haar nog zitten aan het zwembad, op vakantie, ogen strak op dat kleine scherm gericht, met dat zenuwachtige muziekje op de achtergrond. Jaren later, toen ze ziek werd, kocht ik opnieuw een Game Boy voor haar. Zodat ze iets had om eenzame uren door te komen. Ze was me dankbaar en ik zag dat ze ervan genoot om er weer mee te spelen. Nu ze er niet meer is, koester ik die Game Boy.
Liniaal van Joris
Jij was erbij …
Toen we klein waren,
aan tafel bij papa.
Hij tekende huizen,
wij tekenden mee.
Met jou trokken we lijnen
en maakten we werelden.
Later werden de lijnen
grilliger, zwarter.
Papa werd Hans.
En jij verdween in een la.
Jaren gingen voorbij.
Tot ik je terugvond
en jij ons terugbracht
naar die tafel,
naar papa.
Jij was erbij toen.
En je bent er nog steeds.
Armband van Fleur
Dit armbandje is waarschijnlijk van mijn overgrootmoeder geweest. Via mijn oma en daarna mijn moeder is het uiteindelijk bij mij terechtgekomen. Na meerdere reparaties durfde ik het niet meer te dragen, uit angst dat het opnieuw zou breken. Zo belandde het in een stoffige la. Dat vond ik zo zonde, dat ik besloot een edelsmidcursus te doen. Ik heb het armbandje omgesmolten tot een ring die ik dagelijks draag. Zo draag ik een klein stukje van haar met me mee.
Treinbaan van Martijn
Een wereld in het klein, vol verhalen die nooit helemaal verdwijnen. Rond de snelheidsregelaar zie je de sporen van vroeger: gladgesleten door eindeloos draaien, door uren waarin tijd geen rol speelde. Mijn zoon Jens (6) is nu zelf volledig in de ban van treinen. Met dezelfde blik, dezelfde verwondering. Het treinenvirus laat zich niet sturen, het hoeft niet uitgelegd te worden, het vindt vanzelf zijn weg. Van vader op zoon.
Sleutelhanger van Sabine
De houten sleutelhanger zie ik nog zo aan de deur hangen van de kamer van mijn Chinees-Indonesische opa & oma. Zij woonden bij ons. In de vroege uurtjes gingen mijn zus en ik op blote voeten door de bijkeuken naar ze toe. Was de deur open, dan mochten we naar binnen. Hoofd om het hoekje van de deur. Soms zat oma al deeg te kneden voor de bapao.
Ik keek als opa zich stond te scheren voor zijn kleine drieluikspiegel. Hij gaf ons Wiebertjes. We namen gesprekjes op met zijn taperecorder. Hij leerde ons stijldansen, met mijn zus de foxtrot door de kamer.
Opa overleed toen ik 13 was. Ik mis de herinneringen die ik niet met hem heb kunnen maken. Ik had nog zoveel met hem willen delen en praten. Over het leven, werk, liefde, taoïsme. Ik heb de hanger verder nooit ergens anders gezien. De eenvoud, de vorm, het materiaal. En ja, het ‘is’ mijn opa.
Cassettebandje van Sofie
Op vakantie gaan was als kind toch helemaal het einde?
Met mijn twee zussen op de achterbank van onze rode Volkswagen Golf reden we naar Frankrijk of de Belgische Ardennen. De achterbank was ons domein en de cassettebandrecorder ging altijd mee.
We maakten vakantiebandjes: zelfbedachte reisverslagen vol liedjes, interviews, toneelstukjes en flauwe grappen. We namen elkaar stiekem op, deden alsof we verslaggevers waren en voerden hele hoorspelen op. Urenlang plezier, gewoon met een bandje en een beetje fantasie.
Dat vakantiebandje is blijven hangen. Omdat het me herinnert aan de kracht van spelen, van iets creëren zonder doel. En vooral ook aan het plezier van verhalen maken. Iets wat, besef ik nu, nooit helemaal is verdwenen.
Engel van Ester
Ik weet niet waarom, maar jouw glitters stelden me gerust. Als ik me alleen voelde, of gewoon een beetje te braaf, was je er. Je hing boven mijn bed, bij mijn bureau of aan de muur. Overal eigenlijk. Behalve in de kerstboom waar ik je ooit uithaalde.
Vlooienspel van Frits
Mijn moeder kon heel goed vlooien. Zondagavond voor het naar bed gaan. Het blauwe busje stond op het handgeknoopte tafelkleed, mijn moeder aan de ene kant, ik aan de andere. Het tafelkleed vroeg om een verfijnde techniek. Anders kreeg je de vlooien nooit in het busje. Mijn moeder beheerste die techniek als geen ander. Gelukkig liet ze me wel eens winnen. Maar de meeste spelletjes verloor ik. “Ja jongen, zo is het nu eenmaal in het leven”. Door de week oefende ik als een dolle.
Microfoon van Fleur
Deze microfoon kreeg ik van mijn vader nadat we mijn toelating voor de muziekopleiding hadden opgenomen. Mijn vader was geluidstechnicus en deze microfoon werd gebruikt in de studio waar hij werkte. Waarschijnlijk hebben er voor mij al heel wat bekende artiesten mee gezongen.
Na mijn toelating heb ik de microfoon bij al mijn optredens gebruikt. Daardoor is hij niet alleen verbonden aan het begin van mijn muziekopleiding, maar ook aan een groot deel van mijn eigen muzikale reis.
Mijn vader is inmiddels overleden. Ik heb veel muziek van hem, in de vorm van platen en cd’s, maar dit is het enige tastbare muziekmateriaal dat ik daadwerkelijk van hem heb gekregen.
Camera van Dirk
Ik kreeg deze camera voor mijn 31e verjaardag. Wat hem voor mij bijzonder maakt, is dat we uit hetzelfde bouwjaar komen: 1995.
Ik wilde graag een analoge camera omdat ik wat meer afstand wilde nemen van mijn telefoon. Minder digitaal, minder snel, maar ook minder perfect. Met een analoge camera maak ik één foto van iets wat mijn aandacht trekt. Klik, en door. Niet eindeloos opnieuw proberen tot het beeld precies goed is.
Hij heeft al 31 jaar een leven achter zich waar ik niets van weet. Foto’s gemaakt van mensen, plekken en momenten die voor mij volledig onbekend zijn. En andersom draagt ook mijn leven verhalen en herinneringen met zich mee waar deze camera niets van weet.
En nu, na 31 jaar, komen we elkaar tegen.
Misschien leert fotografie me daardoor ook iets over tijd: dat momenten voorbij mogen gaan, dat foto’s niet perfect hoeven te zijn en dat juist de imperfecties onderdeel mogen worden van het beeld en het leven.
Fossiel van Saake
Als kind keek ik naar je
Je lag in de woonkamer naast de haard
Ontzag en bewondering had ik voor je
Duizenden en duizenden jaren oud
Spiraal gevormd
Als een stenen trap die je kan betreden
Omlaag naar een donkere cirkelvormige kern
Omhoog naar het licht en open ruimte
Mijn ouderlijk gezin en ik dragen je met ons mee
Als symbool van thuis en verbinding
Een herinnering aan onszelf
Je ligt nu in de werkkamer
Ik kijk naar je
Reflectie van rust en eenvoud, licht en donker
En ook mijn gezin bewondert je
Nieuw leven draagt je verder
Duizenden en duizenden jaren
Mooi versteend leven
Schitterend!
Ring van Juul
Soms kan ‘t leven je wakker schudden. Het geeft je signalen dat jouw pad zich in een andere richting bevindt. De weg is onzeker, maar je voelt dat dit alleen nu nog klopt. Mensen komen en gaan, sommigen blijven. Anderen leren je wat en de allerliefsten helen je. Dat is wat er met mij gebeurd. Het hartje is heel en ik draag hem elke dag.
Knuffel van Barbara
Dit is de knuffel die mijn vriend kreeg toen hij een peuter was. Het Maximonster week 40 jaar niet van zijn zijde. Tot hij ‘m aan mij gaf toen we elkaar net kenden. Ik kreeg hem als steun, ik kreeg toen de diagnose PTSS en ging een heftige periode van therapie in. Maximonster is het meest dierbare cadeau dat ik ooit gekregen heb.